Victorie
Ab zit in de tuin van het kasteel en trekt zijn trui uit. Tegen de tijd dat Vrouwtje Jas hem passeert, is hij bezig de trui in zijn jaszak te proppen.
Ab is een oude man, sportief gekleed. In het langslopen zegt hij dat hij zich te warm heeft aangekleed. Hij heeft al ver gewandeld en moet nu even uitrusten.
Thee met room
Vrouwtje Jas heeft heerlijk geslapen op de bank bij die vreemde, onverstaanbare, maar zeer hartelijke mensen. De ontbijttafel staat gedekt in de ouderwetse Oostenrijkse keuken. Verse harde broodjes. Jam, vleeswaren en kaas.
De gezellige, dikke dame vraagt……
Concert
Honden kopen geen concertkaartjes. Honden zijn niet welkom in concertzalen. De hond van Vrouwtje Jas is een uitzondering. Ze gaat gewoon mee. Dat vindt Vrouwtje Jas fijn. Het is handig en gezellig. Vandaag zijn ze samen bij een klassiek concert.
In de pauze komt een gedistingeerde oudere dame naar Vrouwtje Jas toe en vraagt:
“Is uw hond een muziekliefhebber?”
Verder alles goed?
Vrouwtje Jas fietst in het bos met haar hond. Het is een prachtige zonnige ochtend; het jasje is thuis gebleven. Het is nog rustig. Fietsen mag daar eigenlijk niet. Maar ja, wie heeft er last van?
Een man loopt het heuveltje op.
Zonder geld
Vrouwtje Jas rijdt Amsterdam in en ziet hem staan, aan de kant van de weg. Poeh, die zal niet makkelijk een lift krijgen. De weg wordt iets verderop afgesloten, hij geeft niet aan waar hij naartoe wil en dan ook nog dat Noord Afrikaanse uiterlijk...
Free Willy
“Moet je nog ver?”, roept hij Vrouwtje Jas na, die hem in volle vaart voorbij fietst. Ze kijkt achterom en stopt met trappen.
Bidden in het bos
In de verte ziet Vrouwtje Jas ze aankomen: een oudere vrouw, een jonge man en een langharige herdershond. In het voorbijgaan groeten ze elkaar. De honden doen dat ook. Vrouwtje Jas geeft ze een compliment: het is een prachtige en welopgevoede hond. Ze maken een Praatje Prut, bekend bij iedere hondenbezitter. Net als Vrouwtje Jas verder wil lopen zegt de vrouw: “Mag ik u iets vragen?”
Eenzaam
Vrouwtje Jas tuurt over het water van een baai in Wales. Naast haar staat een beeld van een vrolijke man, een vrouw en een hond. Haar gedachten dwalen af naar de tijd dat deze haven gebruikt werd om kolen af te voeren uit de mijnen in het achterland.
Is de man thuisgekomen met de boot? Staan vrouw en hond hem op te wachten?
Naast je zit er één (1)
Ze zijn naast elkaar gaan zitten en knijpen genoeglijk hun ogen toe. Het is half oktober en de zon blijft maar schijnen. Heerlijk.
Naast je zit er één (2)
In de groene Jaguar rijden ze naar het bos. De hond ligt op de leren achterbank. Ze praten over de auto, het weer en de klimaatverandering.
Ze draaien er omheen.