Thee met room

Vrouwtje Jas heeft heerlijk geslapen op de bank bij die vreemde, onverstaanbare, maar zeer hartelijke mensen.
De ontbijttafel staat gedekt in de ouderwetse Oostenrijkse keuken. Verse harde broodjes. Jam, vleeswaren en kaas. De gezellige, dikke dame vraagt in Oostenrijks Duits wat Vrouwtje Jas wil drinken: chocolademelk, thee of koffie.
Vrouwtje Jas neemt thee.

“Mit Rohm?”
“Nein danke, bitte ohne Rohm.”

Thee met room lijkt haar behoorlijk vies. Daar snapt de gastvrouw niets van. Ze blijft aandringen, in dat grappige taaltje van haar. Ook de gastheer mengt zich in het gesprek. Hij legt uit dat thee met room heel goed is als je nog zo ver moet fietsen. Van room word je sterk.
Vrouwtje Jas zegt dat ze die slagroom dan maar op de chocolademelk van de kinderen moeten doen. Die kunnen wel wat extra energie gebruiken.
Dat is duidelijk niet de bedoeling.

Na veel “Nein, nein, nicht für die Kinder” en “Sie müssen das gewiss probieren” geeft Vrouwtje Jas de moed op.
Als ze het zó graag willen, dan drinkt ze wel thee met room.

Zo komt het dat Vrouwtje Jas om acht uur ’s ochtends thee met rum drinkt.
En daarna nog één.

Previous
Previous

Victorie

Next
Next

Doodstil